
Een goed halfuurtje geleden was de winterzonnewende een feit: om 11:02 maakte de aarde haar keerpunt om de zon: het startpunt van een nieuwe jaarreis, waarbij de aarde – ons zo kostbare ruimteschip – ons opnieuw zal meevoeren op een ruimtereis van zo’n 940 miljoen kilometer rond de zon (alleen al hier bij stil te staan vind ik fascinerend: tegen deze duizelingwekkende afstand door het heelal kan geen ruimtereis per raket op, en bovendien reizen we via planeet aarde een stuk comfortabeler).
Hoewel er zeker geen sterrenwichelaar in mij schuilt, vind ik die zonnewende toch altijd een fascinerend iets.
Door je er een beetje in te verdiepen ontdek je allerlei nieuwe feiten.
Zo las ik dat we in de winter niet vér bij de zon vandaan leven, maar juist heel dichtbij: op 5 januari stond de aarde dit seizoen het meest dichtbij de zon, en op 4 juli, in de hoogzomer, het meest veraf.
Wat de winter echter tot winter maakt, is de hoek waarin het zonlicht invalt: die is zodanig dat het licht meer langsscheert, dan daadwerkelijk invalt.
Wanneer echter in de zomer de zon ver weg is, laat dat onverlet dat het licht dan wél goed invalt, veel meer ”loodrecht”.
Dat bracht mij als theoloog (hoe kan het ook anders) op de volgende gedachte: laten we ook spreken over de menselijke ”tóewende”.
We kunnen blijkbaar (de winter getuigt daarvan) het licht vlakbij ons hebben, maar het langs ons heen laten stralen, zonder het op te vangen.
We kunnen echter ook (de zomer getuigt daarvan) het licht daadwerkelijk opvangen en ons laten verwarmen.
Komende zondag staat op het rooster: Lucas 2: 33-40.
Daar gaat het onder andere over Simeon, die over het met Kerst geboren Kind zegt:
”Licht tot ontsluiering van volkeren!” (Naardense Bijbel, Lucas 2:33)
Wat een prachtige uitdrukking: je kunt het licht blijkbaar zó ontvangen, dat het jezelf ‘ontsluiert’.
Er breekt iets door.
Er komt iets tot je, dat je hart verwarmt:
een straal van het Licht der wereld – Christus.
Waar we ons op onze reis op planeet aarde ook bevinden:
naar Hém mogen wij onszelf daarom toewenden.
Zo bezien kan íedere dag worden: een Christus-wende.